Celerina
Het kleine dorp Celerina telt slechts ongeveer 900 inwoners. Het is even ten noorden gelegen van St Moritz. Hier eindigt het Berninadal in het Inndal. In de oude dorpskern staan naast de oude dorpskerk ook nog enkele oude Engadiner huizen die voorzien zijn van sgraffito-versieringen en gietijzeren balkons.

Het kerkje van San Gian
Ook geniet het de oude kerk San Gian even ten zuiden van het dorp op een heuveltje gelegen, bekendheid. De oudste delen van deze kerk stammen uit de 11de en de 12de eeuw. Hoewel de toren van de kerk in 1682 ernstig beschadigd raakte door een blikseminslag werd hij toch weer hersteld. In de 15de eeuw werden er ook door een onbekende italiaanse kunstenaar gotische fresco's aangebracht.
Vanuit Celerina kan men per zweefbaan naar Marguns/Saluver reizen dat op 2278 m. ligt.
Samedan

Foto zomer 2001; Een blik van het station richting St Moritz. De verse sneeuw op de bergen is die middag gevallen.
In Samedan ligt ook een werkplaats van de RhB, de Rhätischebahn. Hier is ook plaats gereserveerd voor Club 1889 de het historische materieel voor de RhB onderhoud en restaureerd. Een aantal kopstukken die hier te vinden zijn; een oude stoomloc; het rhätische krokodil (RhB 412) en ander electrische locomotieven waaronder ook langetijd de BB 182. Deze laatste is nu in de werkplaats van Poschiavo.
Foto zomer 2001; De bedrijfsvaardige RhB 412

Foto zomer 2001; Gemaakt toen ik geld dat ik ingezameld had voor deze locomotief naar de restaurateurs bracht. Zie ook Club 1889.
De Glacier-Express rijdt verder naar Bever (1714
m.). Onderweg passeren ze het dorp Samedan. In Bever buigt de trein af naar het Unter-Engardin. Ze rijdt door Val
Bever, het dal van de Beverin rivier, naar de zuidelijke ingang van de
Albulatunnel die tussen 1898 en 1903 gebouwd is geworden. Het is de
hoogstgelegen Alpendoorsnijding in Europa.
Bever
De Albula-linie eindigt in Bever. Over dit spoor zal de Glacier Express ook rijden. Het is een klein dorp met ongeveer 400 inwoners. Het dorp is nu erg rustig omdat de hoofdweg er om heen geleid wordt. Bijzonder is de hoge klokketoren van de kerk welke een uivormig dak heeft.
Samedan
In het duits wordt de plaats Samaden genoemd. Het heeft ca 2600inwoners en ligt
op 1709 m.. Het is een knooppunt van bergbanen en de hoofdplaats van het
Oberengardin. In het dorp staan veel statige huizen. In het Planta-Haus, gelegen aan de Via de Mulms een zijstraat van Via de Plazzet, is
een cultureel centrum gevestigd net daarin de grootste raetoromaanse
bibliotheek, oude meubels, klederdrachten en wapens. Gotische
begrafeniskerk van St-Peter, een sierlijke dorpskerk met opvallend mooi
Rococo-interieur.
De eerste vermeldingen van Samedan worden gedaan in 1139. De plaats had een bestuursfunctie en er werd net als in Zuos recht gesproken. Bekende Engadiner huizen vindt men met de huisnummers 143, 148 en 159.
In Samedan is ook een vliegveld gevestigd voor binnenlandse vluchten. Het is vooral in trek bij zweefvliegers.

Station Samedan, zomer 2001, Sneeuw valt op de passen rondom St Moritz.
terug naar boven
Tussen Preda en Thusis
Over de AlbulaBahn valt veel te vertellen. U leest er hier meer over.
Bij het station van Preda (1789 m.) ziet de
Glacier-Express voor het eerst weer het daglicht. Daarna volgt het
prachtige traject van de Albula-Bahn. Na Bergün moet de trein een
hoogteverschil van 416 m. in 12,6 km overwinnen. Hiervoor zijn 4
keertunnels en twee galerijen nodig.
De eerste twee tunnels, de 535 m lange
Zuondratunnel en de 677 m. lange Touatunnel, zijn keertunnels, waarin de
trein een bocht van 270 graden bij een helling van 35 promille beschrijft.
Al snel is een eerste blik op Bergün mogelijk. Na Bergün volgt de trein de
rivierbedding van de Albula.
Bergün
Bergün ligt op 1376 m. en heeft 459 inwoners. Het dorpje
ligt in bovenste gedeelte van het Albulatal en is een klimatologisch
gunstig gelegen toeristisch plaatje. Zowel in zomer als in winter komen
vele gasten naar Bergün. De gesloten pasweg dient in de winter tussen
Preda en Bergün als rodelbaan. Met de trein kan men naar Preda reizen en
van daaruit kan men dan terug sleeën naar Bergün. Het skigebied ligt op
Alp Darlux dat bereikbaar is met een stoeltjeslift.

Foto zomer 1995; Kerkje in Bergün.
Het dorp heeft het typische karakter van een Engardiner
dorp. De kerk bevat waardevolle wandschilderingen uit de vroege
Renaissance. Midden in het dorp staat de middeleeuwse gerechtstoren.
Bergün is een heemkundig museum in opbouw. In de nabijheid van het dorp
(Bellaluna) is een ruïne van een mijn.
Bij het station wordt een museum gerealiseerd. Daar is ook een RhB-Krokodil te bewonderen. Ook ligt hier een zeer beroemd Bahnlehrpfad langs de sporen van de RhB dat zeer de moeite waard is van het bezoeken.
Op het 13 km lange traject van Bergün naar Filisur (1080 m.) rijdt de trein over 8 grote
bruggen en door 13 tunnels. In Filisur buigt het traject van de AlbulaBahn
af naar Davos. Even voorbij Filisur passeert de trein het beroemde
Landwasser-Viadukt. Dit is een 130 m. lange stenen brug die in een bocht
naar links van 100 m. radius ligt en een dalingspercentage van 20 pormille
heeft. De trein voorbij aan Alvaneu en Tiefencastel (894 m.). Dan volgt de
Schunschlucht met 13 tunnels en de 164 m lange en 90 m. hoge Soliserbrug.
Voorbij Solis rijdt de Glacier-Express in het Domleschg. De volgende halte
is Thusis (697 m.).
Tiefencastel

Foto zomer 2001; De voorzijde vanaf de straat gezien als men het stationsplein op rijdt.
Het station van Tiefencastel heeft twee zeer verschillende kanten. Deze kant met gepleisterde steen doet totaal anders aan als de zijde die vanuit de trein gezien wordt. Daar ziet het meer uit als een tradionele zwitsers huis. Foto's zomer 2001.

Foto zomer 2001; Zo ziet het station van Tiefencastel eruit vanuit de trein als men vanaf Davos aankomt. De sneeuwblazer was hier gisteren nog in gebruik.
Tiefencastel is voor veel mensen een uitgangspunt voor te maken dagtochten. Met gebruik making van de trein en de postbus kunnen wandelingen hier begonnen en elders geëindigd worden. De vele wandelbordjes geven de vele mogelijkheden vanaf het station aan.
Foto zomer 2001; Op de wandelbordjes staat ook aangegeven of men aansluiting heeft op een station of bushalte
Foto zomer 2001; De postbussen staan klaar voor vertrek bij het station van Tiefencastel.
Filisur
Filisur is op 1084 m. hoogte gelegen en heeft 410
inwoners. Het is gelegen aan de splitsing van Landwasser-Albulatal. Ook
dit dorp heeft een typisch Engardiner karakter. Interessant in het dorp is
de beschilderde kerk van rond 1500 en in de nabijheid de burchtruïne
Greifenstein, de ruïne van een ijzersmelterij en natuurlijk het
Landwasserviaduct.
Thusis
Een flink langgerekt dorp dat 2.525 inwoners heeft en op
720 m. hoogte ligt aan de ingang van de Via Malakloof. Vanouds een
belangrijke plaats op de Noord-Zuid-route over de San Bernadino en
Splugen. Een mooie laatgotische kerk en herenhuizen in het westelijk
gelegen oude gehucht.
De Via Mala is een 7 km lange "slechte weg", een
woeste en nauwe kloof die door de Hinterrhein is uitgeschuurd. De wanden
rijzen tot wel 600 m. loodrecht omhoog. De naam van de weg stamt uit de
Romeinse tijd, toen er veel Romeinse soldaten door een misstap van de weg
in het ravijn stortten en zo de dood vonden. De weg werd in 1473, 1738 en
1823 verbeterd. De oude kantonweg overspant tweemaal de kloof. Vanaf de
bruggen heeft men een goed uitzicht over het in de diepte gelegen water
van de rivier. Een trap met 249 treden leidt naar de bodem van de kloof.
Twee andere trappen van ieder 36 treden leiden naar zogenaamde
"Strudeltopfe". Dit zijn door het water uitgesleten ronde openingen.
terug naar boven
Thusis - Reichenau\Tamins - Chur

Foto zomer 2001; Blik in de enorme schlucht waar de trein onderin zijn weg vervolgt.

Foto H.Heij; de Rheinschlucht vanuit de trein in de diepte (2005)
De Glacier-Express passeert op haar tocht
talrijke half-vergane burgtruïnen en trotse Kastelen als Burg Rietberg,
Burg Sins, Burg Ortenstein en ook Burg Rhazuns. Een mooie
bezienswaardigheid in Domleschg is het op 658 m. hoog gelegen
Dominikanenklooster Cazis. Via de stations Rodels-Realta en Rothenbrunnen
bereikt de trein even later Reichenau-Tamins (605 m.)
Het traject tussen Chur en Reichenau-Tamins is
dubbelspoors aangelegd. Voordat de Glacier-Express in Chur aan komt, stopt
de trein nog in Domat/Ems. In Chur (585 m.) lopen de normaalsporige rails
van de SBB met het Meterspoor uit Arosa, Landquart/Davos en Disentis te
samen. Voor dat de trein echter weer vertrekt uit Chur wordt er nog een
Restauratiewagen en een Kurswagen aan de trein toegevoegd.
Chur
De hoofdstad van Graubunden Chur wordt in het Romaans
Coira genoemd. Ze is in het Bundner Rheintal gelegen op een hoogte van 595
m. en heeft 32.037 inwoners. Chur is al heel lang een plaats van
betekenis. Er zijn vondsten gedaan uit 2500 v Chr. In die tijd heette het
Cura Raetirum en was het de hoofdstad van de provincie Raetia Prima. De
plaats ontleende haar naam aan de strategische ligging ten opzichte van de
bergpassen van Graubunden. Het is de oudste stad van Zwitserland.
Het centrum van de stad ligt grofweg tussen de rivier de
Plessur en de Postplatz, ongeveer het gebied waar vroeger de Romeinse
vestiging lag. Hier staan onder meer het bisschoppelijk paleis, de
kathedraal en de St Martinskerk. Het centrum is rijk aan smalle steegjes
en fraaie huizen met luiken voor de ramen, vooral in de Kirchstrasse,
Rabenstrasse en Reichstrasse. Ook het 15de-eeuwse Rathaus met onder ander
een raadzaal uit 1494 verdient de aandacht.
terug naar boven
Reichenau-Tamins - Disentis

Foto Jan Uyttebroeck, juni 2006
Station Reichenau in de diepe kloof waardoor de trein zijn weg volgt
De trein rijdt langs de Rijn weer terug naar
Reichenau-Tamins. Dan volgt de Glacier-Express de Vorderrhein in de
eigenaardige Rheinschlucht. Deze bergkloof heeft een lengte van meer dan
15 km en heeft stijle rotswanden tot wel 300 m. hoog. De kloof wordt
alleen door het spoor doorkliefd. Aan de noordelijk dalflanken liggen de
vakantieoorden Flims, Laax en Falera. De trein vervolgens in Ilanz (702
m.)
Flims

Uitzicht op de vakantieregio waarvan Flims deel uit maakt. In de diepte op de voorgrond loopt het spoor van de trein.
Het in het Romaans genaamde Flem heeft 2.136 inwoners en
ligt op 1080 m. hoogte. Het is een zomer- en winterkuuroord ligt in een
interessant bergstortingslandschap dat stamt uit de late ijstijd en is met
zijn massa van 10 tot 15 km3 de grootste in de alpen. Het zomer toerisme
is in dit dorp na 1874 op gang gekomen en het wintertoerisme heeft vooral
zijn opwachting gemaakt na de WOII. Via Conn kan men naar de Rheinschlucht
wandelen.
Het dorp bestaat uit twee delen, te weten Flims-Dorf en
Flims-Waldhaus dat 50 m. hoger gelegen ligt. Flims Waldhaus heeft een
verbinding met de op 100 m hoogte gelegen blauwgroene Caumasee welke door
ondergrondse warmwaterbronnen wordt verwarmd tot 18 tot 24 graden. Zomers
kan men hier heerlijk zwemmen.
Bijzonder in dit dorp zijn de uit 1512 stammende kerk en
het bij de bergwand gelegen Schlossli uit 1682, met een toren en een mooi
interieur. Het wordt thans als gemeentehuis gebruikt. Men kan de ruïne van
Belmont bezichtigen.
Dan volgen nog enkele kleine stations als
Schnaus-Strada, Rueun en ook Ravanas-Breil/Brigels. Vanaf Trun (852 m.)
begint het traject weer wezenlijk te stijgen. Vanwege het overhangende
karakter van het traject werd de bouw van grote bruggen bevorderlijk. De
Glacier-Exprass nadert nu het station van Disentis/Muster (1130 m.).
Sinds St Moritz heeft de trein 145 km afgelegd. De Glacier-Express wordt
hier ook van de RhaetischeBahn door de Furka-Oberalp-Bahn (FO) overgenomen.
Disentis
Dit dorpje ligt op 1.474 m. en heeft 107 inwoners en in
het Romaans genaamd Veulden. Het is gelegen op een terras boven Rhazuns
vanwaar het met de zweefbaan en via een autoweg bereikbaar is. In Disentis
staat de omstreeks 700 gestichte benedictijnenabdij St Martinus. In het
klooster wonen momenteel 40 monniken die werkzaam zijn op de abdijschool
met 175 scholieren, de tuin, de werkplaatsen en de resterende gebouwen.
Ook buigen zij zich over theologische, culturele en wetenschappelijke
vraagstukken. Zij leven volkomen volgnes de regels van de heilige
Benedictus. En deze sprak: "de mens kan zijn eigen ik slechts ontdekken
als hij naar Gods stem luisterd".
Omstreeks het jaar 700 wilden de monnik Sigisbert en de
dorpeling Placidus een klooster bouwen. Zij werden helaas vermoord door de
regent Viktor uit Chur. Vijftig jaar later liet bisschop Ursicin een
klooster boven boven de graven van Sigisbert en Placidus bouwen. Hij werd
zelf abt van deze benedictijnse gemeenschap.
terug naar boven
Disentis - Andermatt

Foto H.Heij; de Glacier Express rijdt in Disentis binnen (2005)
Vroeger was dit deel van het traject van de Furka Oberalpbahn. Tegenwoordig zijn de FO-Bahn en de BVZ gefuseerd tot de MGB. Hierdoor komt dus ook de locomotiefwissel in Brig te vervallen.
De nu volgende 100 km zal de Glacier-Express de
meer dan 2000 m. hoge Oberalppas bedwingen en daarbij stijgings en
dalingspromilages tot 110 promille moet overwinnen. Direct na Disentis
begint het tandradspoor dat door de trein met een snelheid van 35 km per
uur bereden mag worden. Al snel word het station Segnas (1276 m.)
bereikt.
Dan volgt het vakantiegebied Sedrun (1441 m.). Na het station Diene (1452 m.) begint de
klim van 581 m. naar de op 2033 m. hoog gelegen pashoogte van de
Overalppas. Kort na het passeren van de pashoogte overschreid de trein de
Kantonsgrens tussen de kantons Graubunden en Uri. Vervolgens gaat de trein
aan haar afdaling naar het op 1436 m. gelegen Andermatt beginnen. De trein
doet hierover 20 minuten. Hier mond ook het tandratspoor van Goschenen uit
dat een stijging kent van 179 promille, en een lengte heeft van 3,752
km.
Sedrun
Sedrun is de hoofdplaats van het dal dat zich uitstrekt
van Disentis tot aan het Oberalp. Het ligt op 1.441 m. en heeft 1.329
inwoners. Het is een reeds langere tijd als rustig bekend staand
zomervakantieoord. De laatste tijd heeft het zich ook als
wintersportplaats ontwikkeld. Het dorp heeft een kunstzinnig weelderig
aangeklede parochiekerk uit de 17de eeuw.
Tegenwoordig zijn treinenliefhebbers ook helemaal in de ban van de Gotthardtunnel welke een toegangsbuis heeft in Sedrun. U zult meer hierover op mijn treinenpagina kunnen lezen.

Foto zomer 2001; Het Bugnei-Viadukt in de regen en helaas zonder trein.
Het beroemde Bugneiviaduct in Sedrun, zomer 2001. De brug is tijdens deze rit naar Samedan helaas helemaal in de regen gehuld en de trein wil zich niet laten zien. Hierachter loopt ook de toegang naar de in aanbouw zijnde Gotthardtunnel.

Foto Jan Uyttebroeck, juni 2006
De Glacier Express rijdt richting Disentis

Foto zomer 2001; Na alle regen van gisteren hebben we nu dus een prachtig uitzicht op de trein van de FO-Bahn welke zo in de lawinegalerij verdwijnt.
De trein klimt hier vanaf Sedrun naar station Oberalppas. Nog even en hij bereikt het hoogste punt van zijn reis.
Foto zomer 2001; Het hoogste punt van de lijn is bereikt. Station Oberalppas.
Bij station Oberalp ligt ook de grote Oberalpsee. Nu is in de verte de galerij zichtbaar waardoor de trein rijdt. In de winter als het meer is dichtgevroren en de sneeuw zo hoog ligt dat de openingen gevuld worden met sneeuw dan lijkt het wel of de trein hier door een grote tunnel rijdt.

Foto H.Heij; De Oberalpsee vanuit de Glacier Express (2004)
Andermatt

Foto zomer 2001; Het einde van de Oberalppas en het begin van de Furkapas, Andermatt.
Het stadje Andermatt ligt in de Ursenervallei op een
belangrijk kruispunt van wegen tussen de Gotthard-, Furka- en Oberalppas.
Het heeft 1700 inwoners en ligt op 1444 m. hoogte. In het stadje staan
twee kerken en een raadhuis dat stamt uit 1767. Ook staan er vele mooie
huizen. De barokke Pfarrkirche uit 1695 net een rococo-altaar staat in het
stadje. De Mariahilfkapelle staat op een heuvel even buiten Andermatt. Van
hier heeft men een weids uitzicht op het rondom liggende gebergte. Het is
een rustige plaats gebleven dankzij een rondweg die om het dorp is
aangelegd.

Foto van de Schöllenenslucht met in de verte Göschenen.
Verder kunt u hier per spoor ook naar Göschenen reizen. Een prachtige reis door tunnels en galerijen door de Schöllenenschlucht. In Göschenen heeft u per spoor aansluiting op de normaalspoorlijn van de SBB. U heeft hier tevens aansluiting op de Gottharde Linie welke hier al snel in de nieuwe tunnel zal gaan verdwijnen zodra deze gereed is gekomen.

Foto H.Heij; De Glacier Express daalt af naar Andermatt. Blik op het dorp (2004)

Foto H.Heij; De Glacier Express rijdt Andermatt binnen, foto vanuit de trein genomen (2004)
terug naar boven
Andermatt - Brig

Foto H.Heij; Even uitrusten en genieten op een bankje in Hospental (2005)
Nu gaat de trein op weg naar Brig en Zermatt. De
Glacier-Express passeert Dorf Hospental (1452 m.). Maar voordat de
Zumdorf, het kleinste dorp van Zwitserland, passeert, rijdt hij over de
bekende Richlerenbrucke. Dan bereikt de trein Realp (1538 m.), de laatste
plaats voordat de trein in de 15,44 km lange Furka-Basistunnel
verdwijnt.

Foto zomer 2001; De trein uit Oberwald komt eraan. Hij kwam in Realp uit de Furka-Basis-Tunnel en is nu op weg naar Andermatt.
De trein komt in Oberwald na zo'n 20 minuten weer in het daglicht. In 2008 zal hier hopelijk de circel gesloten kunnen worden om zo te kunnen kiezen tussen de Glacier Express door de tunnel of de stoomtrein over de Furkapasweg.

Foto H.Heij; Blik op Realp en de Furkapasweg vanuit de trein (2005)
De Glacier Express rijdt na Niederwald (1243 m.)verder en na enige tijd begint het
tandradspoor met een dalingspercentage van 90 promille om daarlangs in
Fiesch (1062 m.) te komen. Fiesch ligt aan de voet van de Eggishorn (2878
m.) van waar men een heerlijk uitzicht heeft op de Aletschgletscher en de
hoogste bergen van Zwitserland zoals bijv. Eiger, Monch, Jungfrau,
Matterhorn en ook de Montblanc.
Tussen Laax (1045 m.) en Grengiols (891 m.) moet
de trein de afdaling van Grengiols bedwingen. Dit is uitsluitend mogelijk
door het gebruik van tandradspoor, een keertunnel en een viadukt. Boven
Betten ligt de grootste autovrije kuurzone van de Alpen.
Voordat de trein het station van Brig (678 m.)
binnenloopt worden nog enkele stations gepasseerd en nog eenmaal wordt de
Rhone overgestoken. In Brig wordt de lokomotief van de Furka-Oberalp-Bahn
door een lokomotief van de Brig-Visp-Zermatt-Bahn vervangen. En dan kan
het laatste stukje beginnen van de prachtige tocht door de bergen.
Historische Glacier Express

Foto H.Heij, stoomtrein van de DFB (2004)
Vroeger reed de trein dus over de Furkapas.
Hierdoor was het dus alleen mogelijk om in de zomer de Glacier-Express te
laten rijden. Na de opening van de Furka-Basistunnel kon de trein zomer en
winter rijden. Toch heeft men er alles aangedaan om dit oude stukje van
het traject weer in ere te herstellen. Zie ook Die
Furka BergStrecke .

Foto zomer 2001; Realp. De stations van de MGB en de DFB liggen hier langs elkaar. Links de MGB en rechts de DFB. Uitzicht op het dal richting Andermatt.
De Glacier Express rijdt hier de tunnel binnen. Links voor ligt het station van de MGB, ten tijde van deze foto nog FO-Bahn. Aan de voorzijde het station van de Dampfbahn Furka Bergstrecke.
De rit door de tunnel duurt 20 minuten en daarna
moet de trein nog de Goneri en de Rhone oversteken voordat de trein in
Oberwald aankomt.
Met de stoomtrein is de rit aanmerkelijk langer. Maar je krijgt dan ook wel waar voor je geld. Immers de Rhônegletscher zal dan niet boven je hoofd in het donker gepasseerd worden, maar je kunt hem vanuit de trein bekijken. Zoals ongeveer op de foto hieronder. Deze is genomen vanaf de pasweg iets voorbij station Muttbach.

Foto zomer 2001; De Rhônegletscher en het Hotel Belverdereaan de Furkpasweg. Uitzicht op de gletscher vanaf de pasweg nog voor de stoomtrein deze passeert bij Muttbach.
Bij Muttbach komt de stoomtrein uit de Scheiteltunnel en daalt dan af naar Gletsch. Tijdens onze reis in 2001 hadden we de mazzel dat we een vertrekkende stoomtrein mochten bewonderen in Gletsch.

Foto van het spoor van de DFB bij Muttbach. In de verte is de stoomtrein nog net herkenbaar die hier klaar staat om in de Scheitteltunnel naar station Furka te rijden.

Foto zomer 2001; een stoomtrein getrokken door de DFB n 1 verlaat hier station Gletsch om aan de klim naar Muttbach te gaan beginnen.
Ook vanuit de stoomtrein heeft men een prachtig uitzicht op de Rhônegletscher omdat het spoor vrijwel paralel looptaan de Furkapasweg. Gletsch is een zomerdorp aan de voet van de Furkapas en de Grimselpas.
Oberwald
Oberwald is het eerste bewoonde dorp van het Gomsdal. Het
ligt op 1.366 m. hoogte en heeft 447 inwoners. De barokke Heilige
Kruiskerk wordt een grote lawinemuur beschermd. De kerk bezit een aantal
bezienswaardige altaren.

Foto zomer 2001; De haarspeldbochten van de Grimselpas zijn hier goed zichtbaar. In het midden ligt de uitgang van de keertunnel welke de stoomtrein van Gletsch in de richtin van Oberwald moet brengen.
Hopelijk zal de stoomtrein van de DFB spoedig in Gletsch weer door kunnen rijden naar Oberwald. Op dit moment verwacht men dat dit met ingang van het rijseizoen 2008 het geval is. Op de bovenstaande foto is de spoorlijn maar moeilijk te herkennen. Ligt loopt ze hier langs de pasweg en de beek. Met het herstel van de sporen van Gletsch naar Oberwald is de gehele oude verbinding in oude glorie hersteld. In Oberwald staat een gedenklocje voor de DFB.
De trein glijdt als het ware langs de oevers van
de Rhone door het Goms. De trein passeert de dorpen Obergesteln (1353 m.),
Ulrichen (1346 m.), Munster (1359 m.), Reckingen (1315 m.), Gluringen en
Biel en komt uiteindelijk aan in Selkingen. Selkingen is het dorp van de
kunstenaarsfamilie Ritz.

Foto H.Heij; Blik in het Rhônedal vanuit de Glacier Express (2005)
Niederwald
Een oud bergdorp in het Gomsdal en de geboorteplaats van
de hotelkoning Cesar Ritz(1850-1918). Het heeft 65 inwoners en ligt op
1.250 m.. Het heeft een klein kerkhof met gebeeldhouwde overdekte
grafkruisen. Het heeft een 17de eeuwse barokke kerk.

Foto zomer 2001; Een doorkijkje bij de kerk in Niederwald.

Foto van een trein die hier staton Betten binnenloopt. Een van de weinige stations waar de trein op het station in de tandradrail staat.
De Glacier Express rolt ook over dit spoor dat na het station van Betten over het beroemde Nussbaumviadukt loopt.

Foto zomer 2001; Onderin het dal de Rhône, dan de straat en vervolgens hoger tegen de helling opgebouwd het spoor van de MGB.
Na deze laatste versmalling in het dal wordt Brig bereikt.
Brig

Foto zomer 2001; stationsplein van Brig
Foto zomer 2001; de Tm 2/2 rust even uit van haar werkzaamheden van het rangeren van de treinen van de BVZ en de FO-Bahn.

Foto zomer 2001; Rangeren met rijtuigen in Brig
Dit rangeren is over enige tijd voorbij. Het kopstation Brig wordt dan een doorgangsstation. De sporen van de MGB worden dan zo verlegd dat dit rangeerwerk overbodig wordt en het aantal spoorwegovergangen in Brig en Naters afneemt.

Foto zomer 2001; Het oude depot van de FO-bahn op de achtergrond
Dit depot heeft enkele jaren geleden plaats moeten maken voor meer ruimte op de sporen van de MGB. Een nieuw depot is even buiten Brig gebouwd.
Brig
Brig-Gils is een tweelinggengemeente aan de voet van de
Simplonpas en het heeft 9.608 inwoners en ligt op 681 m.. Het is een heel
belangrijk spoorwegknooppunt en het is de hoofdplaats van Oberwallis. Het
is bekend om zijn Stockalperpalast, het mooiste barokke slot van
Zwitserland, dat tussen 1658 en 1678 gebouwd werd door Kaspar Jodok von
Stockalper. Het oude Stockalperhaus uit de 16e en 17de eeuw heeft model
gestaan voor het grote paleis.
Kaspar von Stockalper was een wallieser zakenman die een
groot vermogen verwierf door zijn monopolie van de zouthandel over de
Simplon. Verschillende vorsten en de paus zochten zijn steun en steunden
hem als 'koning van de Simplon', totdat jaloerse streekgenoten hem dwongen
om uit te wijken naar Italië.
Brig is in september 1993 getroffen door een ernstige
overstroming die veel modder en puin door de stadvoerde. Er werd
aanzienlijk veel schade aangericht maar het aantal persoonlijke
slachtoffers bleef nog redelijk beperkt. Het station liep ook behoorlijke
schade op en het was maar de vraag of het in zijn orginele staat hersteld
kon worden. Gelukkig is dat wel gelukt.
In 1995 werd Brig opnieuw opgeschrikt door het neerstorten
van een gigantische hoeveelheid rotsblokken. Gelukkig gleed die puin en
rotshoop naar een gunstige plaats zodat men niet opnieuw hoefde te vrezen
voor een nieuwe overstromingsramp. Net nu het hele centrum van de stad
weer hersteld was. Wel moesten enkele gehuchten aan de Simplonpas
gedurende enige tijd geevacueerd worden. Hieronder was ook Rothwald.
In het stadsdeel Brigerbad ligt een openlucht- en
grottenbad. Het is een kuuroord dat 5 km ten westen van Brig ligt. De
meeste veelal in elkaar overlopende thermale baden hebben een temperatuur
die tussen de 33 en 37 graden ligt. Dit met uitzondering van het
Thermalesportbad dat een temperatuur heeft van 27 tot 30 graden. Er is
zelfs een thermaal golfslagbad bij.
terug naar boven
Brig - Zermatt

Foto zomer 2001; Blik op het stationsplein in Brig. De Glacier-Express staat op het achterste spoor klaar voor vertrek naar Zermatt. Tegenwoordig zijn dit dus de sporen van de MGBahn
De Glacier-Express volgt naar Visp de
normaalspoorbaan van het SBB-sneltreintrajekt van de Rhonetal-Linie
Paris-Mailand. Parallel daaraan loopt de langs de noordzijde de BLS-Bahn.
Het traject in de richting van Spiez - Thun - Bern. Op het station van
Visp (651 m.) dat de trein nu bereikt ligt ook de werkplaats van de
BVZ.
De trein volgt haar weg langs de Vispa tot
Ackersand. Hier begint het eerst tandradspoor met een stijging van 125
promille. De volgende stop van de Glacier-Express is Staden-Saas (799 m.).
Al snel is vanuit de trein de ingang naar het Saastal te herkennen dat
naar het vakantieoord Saas-Fee (1798 m.) voert.
Na zes kleinere tunnels en meerdere kleinere
bruggen bereikt de Glacier-Express het kleine station van Kalpertran (897
m.). Dan is het volgende tandradspoor aan de beurt dat de trein naar het
station van St Niklaus (1127 m.) voert. Na Herbriggen rijdt de
Glacier-Express aan een enorm steenslagveld van 15 miljoen m3 voorbij, die
op 18 April en 9 Mei 1991 naar beneden is gekomen.
Spoedig bereikt de trein het dorp Tasch (1438
m.). In Tasch bevind zich ook de enorma parkeerplaats voor de autos van de
bezoekers van Zermatt. Enkele kilometers verderop bereikt de
Glacier-Express het overdakte station van Zermatt (1605 m.). Sinds St
Moritz heeft de trein bijna 300 km afgelegd. Als extra kunnen de reizigers
hun reis door de Alpen beëindigen met een rit met de Gornergratbahn vanuit
het autovrije Zermatt naar het op 3089 m. hoogte gelegen
bergstation.
Visp
Visp is een industrieplaats aan de samenvloeiing van de
Vispa en de Rhone. Ze heeft 6.383 inwoners en ligt op 669 m. hoogte. Het
heeft een schilderachtige oude binnenstad met twee opmerkelijke kerken. De
barokke Burgerkirche uit 1761 met romaanse toren met klokkenspel en de
St-Matinskerk uit 1651 met een barok voorportaal en bogengalerij.
In Visp is ook de nieuwe lokloods en werkplaats gevestigd van de MG-Bahn. De MG-Bahn is ontstaan uit fusies van de BVZ en de FO-Bahn.
Zermatt
Zermatt werd eigenlijk vroeger 'zur Matte' genoemd. Het ligt
op een hoogt van 1616 m. en heeft 4100 inwoners. Het is het hoogstgelegen
permanent bewoonde dorp in het Mattertal. Sinds de beklimming van de
Matterhorn in 1865 is het dorp uitgegroeid tot een van de belangrijkste
kuur en toeristenoorden van de alpen. Het dorp wordt omgeven door de
toppen van de Monte Rosa (4634 m.), de Liskamm (4527 m.), de Breithorn
(4160 m.) en de majestueuze en ongenaakbare Matterhorn met zijn 4478 m..
Het dorp is geheel autovrij. Het verkeer wordt onderhouden
door koetsen, fietsen en elektrische wagens die gedurende het hele jaar de
toeristen van en naar hun hotels en pensions brengen. Tussen de vele
hotels, winkels en andere nieuwe gebouwen staat ook nog een aantal oude
Walliser huizen.
Wie denkt dat hij uitgereisd is als hij in Zermatt aankomt
vergist zich deerlijk. Er zijn nog tal van mogelijkheden om op allerlei
wijzen nog hoger te komen. De meest indrukwekkende tocht is die van de
tandradbaan de Gornergratbahn. De aanleg van
deze tandradbaan is al in 1898 begonnen en is de hoogste van Europa. Hij
rijdt in ongeveer drie kwartier met een stijging van 20% via enige
stations naar boven. Zelfs deze tocht kan nog voortgezet worden met een
kabelbaan. Zo kan men Stockhorn bereiken waar het eindstation op 3407 m.
ligt tussen de gletsjers.
Een andere optie is alpenmetro naar Sunnega. Ondergronds
gaat de tocht naar het station op de gelijknamige berg. Sunnega ligt bij
een meertje en in de zomer tussen de grazige weiden en natuurlijk met een
prachtig uitzicht op de Matterhorn. Van hier kan men met gondelbanen via
Blauherd (2601 m.) naar Unterrothhorn. Uiteindelijk heeft men dan op 3103
m. een prachtig uitzicht.
De hoogste gondelbanen van Europa maken het mogelijk om via
enige tussenstations omhoog te zweven naar de top van de Kleine Matterhorn.
Hier heeft men op 3820 m het bergstation liggen. Vanaf de Kleine
Matterhorn kan in de zomer prachtig geskied worden.
Gornergratbahn
Een mooie toevoeging op de reis is de aanvullende tocht met
de Gornergratbahn die naar het op 3089 m. gelegen bergstation voert. Het
traject heeft een gemiddelde stijging van 160 promille en voert over de
Riffelalp, over de Riffelberg en door naar de Gornergrat. Het traject dat
9,3 km lang is voert over 5 bruggen en 5 viadukten, 5 galerieën en 5
tunnels die een totale lengte hebben van 1320 m..
Vanaf Gornergrat heeft men bij goed weer een uitzicht van 15
km en zicht op 29 van de 34 4000-ders van Zwitserland. Wie nu nog hoger
wil kan dat doen met een gondelbaan die naar de Stockhorn op 3405 m. hoogt
gaat. Vanaf daar wordt het lopen als men nog hoger wil.
Tot slot
Helaas beschik ik over het traject van Visp naar Zermatt nog niet over eigen foto's. Ik ga wel proberen om met behulp van vrienden ook hier het verhaal te verfraaien met foto's. Mijn grootste droom is het om eens het hele traject van Zermatt naar St Moritz en terug af te leggen met de Glacier Express, inclusief de tocht over de Furkapass in plaats van erdoor.
terug naar boven
De Glacier Express wordt nog attractiever gemaakt
In een persmededeling (februari 2008) hebben de maatschappijen die Glacier Express laten rijden, de MGBahn en de RhB, dat er opnieuw investeringen gedaan zullen worden om het reizen per Glacier-Express nog aantrekkelijker te maken. De maatschappijen willen er alles aan doen dat de Glacier Express een reis van wereldformaat is en blijft. Daarom hebben de partners besloten om nieuwe panoramrijtuigen te bestellen. Hiermee wordt het in de zomer van 2009 mogelijk om met 4 gelijkwaardige treinen dagelijks tussen St. Moritz/Davos en Zermatt en vice-versa. Dit betekend een gezamenlijke investering van 20 mijoen SFR in het nieuwe rolmateriaal. De panoramawagons en servicewagons zullen opnieuw bij Stadler Rail AG in Altenrhein besteld worden.
De Glacier Express blikt terug op een spannende geschiedenis. In 1930 reed de trein voor het eerst als doorgaande sneltrein van St. Moritz naar Zermatt. Met de opening van de Furka-Basistunnel in 1982 werd het mogelijk de trein het gehele jaar door te laten rijden. Dit had een toename van de reizigersaantallen tot gevolg; van rond 20.000 naar 90.000. Een volgende mijlpaal in de geschiedenis was de inzet van de panoramawagons in 1993. Sindsdien genieten rond 250.000 reizigers van de rit door het panorama-uitzicht op de voorbijtrekkende bergen. Een jaar na het 75-jarig bestaan van de trein volgde een kleine revolutie. De MGBahn en de RhB inversteerden meer als 50 miljoen SFR in 24 nieuw panormarijtuigen en 4 servicerijtuigen. Hiermee werd een nieuw tijdperk ingeluid voor de Glacier Express. De nieuwe treinen staan garant voor een prachtig design van buiten, maar ook van service en comfort voor de reiziger binnen.
Met de nieuwe rijtuigen dekt de Glacier Express de hoge reizigersaantallen op het traject St. Moritz - Zermatt. Op het traject Davos - Zermatt rijden echter nog niet altijd nieuwe rijtuigen en ook het verzorgingsconcept is op deze lijn nog niet op hetzelfde niveau gebracht. Om in de toekomst ook garant te kunnen staan voor een premium product en uithangbord voor het Zwitserse Toerisme moet er geïnvesteerd worden.
Vanaf 2009 moeten er 4 gelijkwaardige panoramatreinen rijden. Hierop zetten de partners RhB en MGBahn in met de inverstering in nieuw modern rolmateriaal. De voorzitter van de directie van de RhB, de heer Erwin Rutishauser, is van mening dat de nieuwe investeringen zullen helpen om tot een kwalitatief hoog premium product te komen voor het Zwitserse toerisme. De heer Hans-Rudolf Mooser van de MGBahn vult hem aan. Het is een belangrijke stap in de verdere ontwikkeling van de Glacier Express. Met de bestelde rijtuigen, 2 eerste klasse en 4 tweede klasse en 2 servicerijtuigen, in totaal 12 miljoen SFR, voor de RhB. Voor de MGBahn gaat het om 2 panoramarijtuigen en een servicerijtuig met een waarde van 8 miljoen SFR. Deze investeringen moeten het mogelijk maken om ook voor de verbinding van Davos naar Zermatt eerste kwaliteit en verzorging te bieden aan de reizigers.
De nieuwe rijtuigen passen naadloos tussen het bestaande wagenpark. Comfortabele inrichting met zitgroepen en tafels, airco in de rijtuigen en niet te vergeten de luchtgeveerde onderstellen van de rijtuigen met speciale remmen op de tandrad. Een speciale aansluiting maakt het de reiziger mogelijk om per koptelefoon de treininformatie in de door hen gewenste taal te beluisteren. De grote vensters die doorlopen in het dak geven een prachtig beeld van de omliggende bergen. De servicerijtuigen beschikken over een keuken waarin de maaltijd vers bereid worden. De maaltijden worden aan tafel bij de gast geserveerd.
Ook leverancier Stadler Rail AG is trots dat de nieuwe rijtuigen weer bij haar worden besteld. Het is het bewijs dat zowel de maatschappijen als de reizigers tevreden zijn over de reeds geleverde panoramarijtuigen en servicerijtuigen.
terug naar boven